|
MENU





Hieronder vind u de uitleg
van particulieren verzekeringsvormen:
Uitleg
Verkeer:
WA-plusverzekering
WAM-verzekering
cascoverzekering
motorrijtuigen
bromfiets verzekering
rijwiel verzekering
Uitleg Woning:
uitgebreide
inboedelverzekering
woonhuisverzekering
glasverzekering
kostbaarheden-verzekering
Uitleg Overige:
aansprakelijkheids-verzekering particulieren
rechtsbijstandverzekering
huisdierenverzekering
Verklarende woordenlijst
van verzekeringstermen
Waar kan ik
terecht voor juridische hulp?
Met welke kosten
krijg ik te maken bij een gerechtelijke procedure?
|
Begrippenlijst Verzekeringen
|
A
|
|
Aandelenspaarplan: Vorm van levensverzekering, waarbij
meestal op basis van een gemengde verzekering tegen een vaste premie in euro's
het spaargedeelte wordt belegd in zogenaamde ‘units’. Deze ‘units’ zijn geheel
of gedeeltelijk uit aandelen bestaande beleggingsdepots. Als de verzekerde op de
overeengekomen einddatum van het plan in leven is, wordt de op dat moment
geldende waarde van de units in euro's uitgekeerd. Bij overlijden voor de
einddatum wordt in het algemeen een kapitaal uitgekeerd dat niet, of slechts
beperkt, afhankelijk is van de dan geldende unitwaarde. Er bestaat een groot
aantal variaties en benamingen van aandelenspaarplannen.
Aanhangsel:
Document waarin een wijziging van een verzekeringsovereenkomst schriftelijk
wordt vastgelegd. Het aanhangsel maakt deel uit van de polis en heeft dezelfde
rechtskracht. Sommige verzekeringsmaatschappijen geven bij elke wijziging een
nieuw polisblad af, dat de oude vervangt.
Aanpassingsclausule: Clausule, die in veel verzekeringspolissen voorkomt. Op
grond hiervan heeft de verzekeraar het recht om de premie en/of voorwaarden van
bepaalde groepen verzekeringen ‘en bloc’, dus geldend voor alle in die groepen
lopende polissen, te wijzigen. De verzekeringnemer wordt van de wijziging
schriftelijk op de hoogte gesteld en wordt geacht hiermee te hebben ingestemd,
tenzij hij binnen de op de kennisgeving aangegeven termijn schriftelijk heeft
medegedeeld dat hij met de wijziging niet akkoord gaat. In dat geval wordt de
verzekering beëindigd op de in de kennisgeving genoemde datum. Deze clausule
komt in ieder geval voor bij onopzegbare schadeverzekeringen.
Aansprakelijkheid:
De verplichting tot het vergoeden van de schade, die de ene partij heeft
toegebracht aan een andere partij. Aansprakelijkheid kan ontstaan uit de wet (in
dat geval spreekt men van ‘wettelijke aansprakelijkheid) of uit een overeenkomst
(in dat geval is er sprake van contractuele aansprakelijkheid).
Aansprakelijkheidsverzekering: Een verzekering die tot doel heeft het vermogen
van de verzekerde te beschermen tegen het risico dat hij aansprakelijk wordt
gesteld en wordt verplicht om de schade die hij, of iemand waarvoor hij
verantwoordelijk is, heeft toegebracht aan een ander te vergoeden. Deze
verzekering vergoedt: de bedragen die de verzekerde op grond van
aansprakelijkheid moet betalen voor aan derden toegebracht letsel of schade,
alsmede de kosten die moeten worden gemaakt voor de verdediging van de
verzekerde bij een terechte- of onterechte aansprakelijkstelling.
Aansprakelijkheidsverzekering, verplichte: Een aansprakelijkheidsverzekering die
iemand op grond van wettelijke bepalingen verplicht is te sluiten. Een
particulier is verplicht om zijn auto, motorfiets of ander motorrijtuig te
verzekeren op grond van de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen en
indien hij jaagt is hij verplicht een aansprakelijkheidsverzekering voor de
jacht te sluiten op grond van de Jachtwet. Het is niet verplicht om een algemene
aansprakelijkheidsverzekering te sluiten, maar wel te adviseren.
Aanvangsdatum van
de verzekering, formeel: De datum waarop de verzekeringsovereenkomst tot stand is
gekomen. Deze ligt op het moment waarop overeenstemming bestaat tussen de
verzekerde en de verzekeraar met betrekking tot de premie en voorwaarden van de
verzekering en de acceptatie door de verzekeraar van het risico dat door de
verzekerde aan de verzekeraar wordt overgedragen. In het algemeen wordt de
verzekering geacht te zijn ingegaan om 0.00 uur van de dag van de
wilsovereenstemming tenzij een ander moment is overeengekomen.
Aanvangsdatum van
de verzekering, materieel: De datum, met als tijdstip 0.00 uur, waarop de
verzekeringsovereenkomst begint te lopen en de verzekerde recht heeft op
schadevergoeding wanneer zich een onder de polis gedekte schadegebeurtenis zich
voordoet.
Aanvraagformulier:
Een formulier, dat door de verzekeraar of makelaar ter beschikking wordt gesteld
en waarmee een verzekering kan worden aangevraagd. Het aanvraagformulier bevat
vragen van administratieve aard (zoals naam-, adres- en woonplaatsgegevens) en
vragen die betrekking hebben op de te verzekeren risico’s en risico-objecten.
Een aspirantverzekeringnemer mag er van uit gaan dat hij door een juiste en
volledige beantwoording van alle vragen de informatie heeft verschaft, die de
verzekeraar nodig heeft voor het beoordelen van het risico. Door het
ondertekenen van het aanvraagformulier geeft de aspirantverzekeringnemer niet
alleen te kennen dat hij de verzekering wenst te sluiten, maar ook dat hij de
verplichtingen, die voor hem uit de overeenkomst voortvloeien, zal aanvaarden.
Het moment waarop de verzekeraar zonder verdere informatie in te winnen besluit
om de verzekering te accepteren op basis van de aan de aspirantverzekeringnemer
bekende premie en voorwaarden, is deze (formeel) tot stand gekomen.
Aanvullend
pensioen: Een pensioen dat wordt verzekerd of opgebouwd en in vervolg daarop
wordt genoten in aanvulling op het pensioen waarop men recht heeft krachtens het
sociale verzekeringsstelsel.
Aanvullende
arbeidsongeschiktheidsverzekering: Arbeidsongeschiktheidsverzekering die gesloten
wordt door loontrekkenden met een inkomen hoger dan het WAO-dagloon, om te
voorzien in een aanvulling op de uitkering krachtens de WAO. Verzekerd wordt
doorgaans een uitkering variërend van 80% tot 100% van het verschil tussen het
werkelijk genoten inkomen en de inkomensgrens waarover de WAO-uitkering berekend
wordt. De uitkering gaat in op hetzelfde moment als waarop de WAO-uitkering
ingaat. Deze verzekering wordt ook wel ‘WAO-excedentverzekering’ genoemd.
Aanvullende
brandverzekering: Een verzekering op roerende of onroerende zaken, die naast of
als onderdeel van een brandverzekering gesloten kan worden en in aanvulling op
de (eventueel uitgebreide) standaarddekking hiervan een dekking biedt voor niet
nader in de polis omschreven kosten. Dekking vindt veelal plaats tot een bepaald
percentage (meestal tussen de 10 en 25 procent) van de verzekerde som van de
hoofdverzekering. In geval van schade vergoedt de aanvullende brandverzekering
het vooraf overeengekomen percentage van het schadebedrag, dat krachtens de
hoofdverzekering wordt uitgekeerd.
Aanvullende
ziektekostenverzekering: Verzekering die door ziekenfondsverzekerden wordt
afgesloten als uitbreiding op de dekking krachtens het ziekenfondspakket. In
hoofdzaak komt dat neer op de verzekering van een hogere ziekenhuisklasse (2a of
2b) maar ook andere, niet door het ziekenfondspakket gedekte verrichtingen zijn
in de aanvullende ziektekostenverzekering begrepen. Met behulp van deze
verzekering wordt de dekking krachtens het ziekenfondspakket gelijk getrokken
met die van de meeste particuliere ziektekostenverzekeringen.
Abondonnement: Het
overdragen van de eigendomsrechten op de verzekerde zaken door de verzekerde aan
de verzekeraar in ruil voor uitbetaling door de verzekeraar van het verzekerd
bedrag. De mogelijkheid van abandonnement is bij de meeste verzekeringsvormen
uitgesloten of sterk beperkt.
Acceptant:
Een functionaris, in dienst van een verzekeraar, belast met de taak om aan de
verzekeraar ter verzekering aangeboden risico’s te beoordelen, premie en
voorwaarden vast te stellen en de polisopmaak voor te bereiden.
Actuaris: Een
beoefenaar van de actuariële wetenschap. Dit is een tak van wetenschap die
betrekking heeft op de verzekeringswiskunde. Op wiskundige wijze wordt gezocht
naar een oplossing voor bepaalde problemen van verzekering aan de hand van
statistiek en waarschijnlijkheidsrekening. Bij levensverzekeraars en
pensioenfondsen bestaat zijn taak voornamelijk uit het opstellen van
premietarieven, het berekenen van premiereserves, het vaststellen van de
afkoopwaarde en premievrije waarde van polissen. Bij schadeverzekeringen maakt
men, indien men over voldoende statistisch materiaal beschikt, eveneens gebruik
van de diensten van actuarissen (de zogenaamde schade-actuarissen).
Affectiewaarde:
Schade die gebaseerd is op de waarde, die iemand uit overwegingen van
persoonlijke gehechtheid aan een zaak toekent (bijvoorbeeld omdat het voorwerp
een familiestuk is). Het risico van affectieschade is echter op basis van een
schadeverzekering niet verzekerbaar omdat het verzekerde belang niet objectief
op geld waardeerbaar is.
Afkoop: Komt voor
bij levens- en pensioenverzekeringen waarvan vaststaat dat er een uitkering zal
plaatsvinden en de verzekeringsvoorwaarden afkoop toelaten. In geval van afkoop
wordt de verzekering op verzoek van de verzekeringnemer voortijdig beëindigd,
waarbij de verzekeraar de afkoopwaarde uitbetaalt. De afkoopsom is een bedrag
ineens ter grootte van de op het moment van afkoop opgebouwde rechten op de
toekomstige uitkering(en), uitbetaalt. Bij pensioenverzekeringen is afkoop niet
toegestaan behoudens enkele uitzonderingsgevallen (waarde-overdracht, emigratie,
zeer kleine pensioenen met een uitkering niet hoger dan ca. EUR 295). Afkoop van
een levensverzekering voor de verzekerde is meestal niet interessant wanneer de
verzekering nog niet lang loopt.
Afkoopwaarde: De waarde gelijk aan de opgebouwde
rechten op een toekomstige uitkering(en) van een levens- of pensioenverzekering
op het moment dat deze wordt afgekocht. In het algemeen wordt de afkoopwaarde
berekend door van de tot dusver betaalde premies voor het spaargedeelte van de
verzekering, vermeerderd met de rekenrente, de nog niet terugverdiende kosten af
te trekken.
Aflopende
risicoverzekering: Vorm van levensverzekering waarbij de verzekerde som
uitsluitend wordt uitgekeerd indien de verzekerde binnen de afgesproken
verzekeringstermijn overlijdt en de uitkering lager is naarmate het overlijden
op een later tijdstip binnen de verzekeringstermijn plaatsvindt. De daling van
de verzekerde som kan lineair, op basis van annuïteiten of op basis van een
afgesproken staffel plaats vinden. Deze verzekering wordt ook wel ‘Dalende
risicoverzekering’ of ‘Dalende tijdelijke overlijdensverzekering’ genoemd.
Afsluitprovisie:
Een (eenmalige) beloning, die de tussenpersoon ontvangt wanneer hij een
verzekering heeft ondergebracht bij een verzekeringsmaatschappij. De
afsluitprovisie kan bestaan uit een percentage van het verzekerd kapitaal (bij
levensverzekeringen) of van de premie.
Aftrek nieuw voor
oud: Een bedrag dat, in geval van herstelbare schade, ingevolge het in de wet
vastgelegde schadevergoedingsbeginsel of de polisvoorwaarden in mindering wordt
gebracht op de reparatiekosten van de verzekerde zaak. Dit wordt gedaan op grond
van het feit dat het verzekerde object na de reparatie in betere staat wordt
geacht dan voor de schade, waardoor de verzekerde er in wezen op vooruitgegaan
is. Door toepassing van de aftrek wordt dit gecompenseerd.
Agentschap: Wanneer
een verzekeringsmaatschappij en een tussenpersoon zijn overeengekomen dat de
tussenpersoon kan bemiddelen tussen deze verzekeringsmaatschappij en de
(aspirant-)verzekerden, spreekt men van een agentschap.
Akte van taxatie:
In deze akte wordt door experts de omvang van een brandschade en kosten
vastgesteld. Het volgende moet hierin staan vermeld: de waarde van zaken voor en
na de gebeurtenis het verschil tussen de hiervoor genoemde waarden indien van
toepassing, de herstelkosten van zaken.
Alarmeringsdiensten: Organisaties die hulp verlenen bij uiteenlopende soorten van
ongevallen, pech en moeilijkheden in het verkeer, in en om het huis en op reis.
Recht op deze hulpverlening wordt door vrijwel elke verzekeringsmaatschappij
geboden in combinatie met, of als onderdeel van de motorrijtuig- en de
reisverzekering. Steeds meer verzekeraars bieden deze hulpverlening ook in
combinatie met of als onderdeel van de ziektekostenverzekering en de uitgebreide
opstal- en inboedelverzekeringen.
Alcoholclausule: Op
grond van deze clausule, die soms voorkomt op motorrijtuigverzekeringen, is de
schade uitgesloten die is ontstaan terwijl de bestuurder in kennelijke staat van
dronkenschap of het onder zodanige invloed van alcohol (of andere bedwelmende of
stimulerende middelen) verkeerde, dat hij niet meer in staat kon worden geacht
het motorrijtuig naar behoren te besturen. Veel verzekeraars hebben deze
uitsluiting niet opgenomen of alleen opgenomen ten aanzien van cascoschade aan
het voertuig.
Algemene
verzekeringsvoorwaarden: Voorwaarden die voor alle tot dezelfde soort behorende
verzekeringen van toepassing zijn. Hierbij kan men denken aan voorwaarden
omtrent de wijze van premiebetaling, het aangaan en beëindigen van de
verzekering, de schaderegeling en bepaalde uitsluitingen. Zo bestaat een polis
van een ‘all-risks’ motorrijtuigenverzekering uit algemene voorwaarden,
voorwaarden aansprakelijkheidsverzekering en voorwaarden cascoverzekering.
All Risks: Dit is
een benaming voor een verzekeringsdekking. Indien u een zogenaamde 'all risks'
verzekering heeft betekent dit dat verlies en schade aan en/of door het
verzekerde object als gevolg van bijna alle risico's gedekt is. Belangrijk is
dat dus niet alle gevaren zijn gedekt. Een all risks dekking komt onder meer
voor bij de motorrijtuig- en pleziervaartuigenverzekering.
Annuïteit: Een
betaling in gelijkblijvende termijnen, die elk bestaan uit een rentedeel en een
aflossingsdeel ter aflossing van een schuld, bijvoorbeeld hypotheek. Het
aflossingsdeel in iedere termijnbetaling neemt toe, naarmate een steeds groter
aantal termijnbetalingen is verricht, terwijl het rentedeel afneemt.
Annuleringsverzekering: Een verzekering voor mensen die een reisarrangement
hebben gesloten of een vakantieverblijf hebben gehuurd. De verzekering vergoedt,
geheel of gedeeltelijk, de vooruitbetaalde of nog te betalen reissom of
huurbedragen, waarvoor men geen tegenwaarde heeft genoten doordat men als gevolg
van een in de polis genoemde omstandigheid de reis of het verblijf in het
vakantieverblijf moet annuleren of voortijdig moet beëindigen. Gedekt zijn de
annuleringskosten, of de kosten van reisonderbreking, in verband met onder meer:
overlijden, ernstige ziekte of ongeval van de verzekerde of een naast
familielid, onverwachte onvrijwillige werkloosheid, ernstige zaakschade door in
de polis genoemde oorzaken aan de eigendommen of het bedrijf van de verzekerde,
waardoor zijn aanwezigheid dringend gewenst is.
Anti-selectie:
Benaming voor het verschijnsel dat personen de neiging hebben om risico’s
waaruit zij geen of nauwelijks schade verwachten niet te verzekeren, terwijl zij
voor risico’s waarbij ze de schadekans groot achten een verzekering willen
afsluiten. Een verzekeringsmaatschappij is echter niet bereid om alleen risico’s
met een grote kans op schade te verzekeren, maar wil zijn portefeuille opbouwen
op basis van het gemiddelde risico, met andere woorden een evenwichtige
verhouding tussen risico’s met een grotere schadekans en risico’s met een kleine
schadekans. Een verzekeraar wapent zich dan ook tegen anti-selectie door
aspirantverzekeringnemers, die een risico met een meer dan gemiddelde schadekans
willen verzekeren, een hogere premie of een beperking van voorwaarden, danwel in
het geheel geen verzekering aan te bieden.
Anw-hiaatverzekering: Als gevolg van de versobering van de sociale wetgeving in
Nederland zijn er verschillen ontstaan in de uitkeringen van volksverzekeringen
en werknemersverzekeringen oude stijl en nieuwe stijl. Een voorbeeld hiervan is
de inmiddels vervallen Algemene Weduwen en Wezenwet (AWW) die is vervangen door
de Algemene nabestaandenwet (Anw). Krachtens de Anw heeft een nabestaande in
minder gevallen recht op een uitkering en is die uitkering vaak lager dan
krachtens de AWW. Dit verschil (het Anw-hiaat) kan worden opgevangen door bij
een verzekeringsmaatschappij een Anw-hiaatverzekering te sluiten. Deze vult als
het ware het gat op dat tussen de vervallen AWW en de Anw is ontstaan. In veel
pensioenregelingen wordt dit gat collectief opgevuld en hebben werkgevers de
mogelijkheid geschapen om en collectieve Anw-hiaat verzekering te sluiten. Een
dergelijke verzekering kan echter ook op individuele basis worden afgesloten.
AOW-hiaat: Momenteel krijgt een AOW-gerechtigde met een partner, die jonger is
dan 65 jaar, op zijn AOW-uitkering een toeslag, die afhankelijk is van het
inkomen van de partner. In 2015 vervalt deze partnertoeslag. Het verschil in
uitkering dat daardoor voor de genoemde categorie mensen ontstaat veroorzaakt
een inkomensachteruitgang, het AOW-hiaat. Door het sluiten van een
levensverzekering kan men voorzien in dit toekomstig hiaat.
Appartementenclausule: Wanneer een gebouw, bijvoorbeeld een appartementenflat,
eigendom is van meerdere personen is de appartementswet van toepassing. Deze
regelt dat het eigendom van een gebouw gesplitst kan worden in
appartementsrechten, die een aandeel in het gehele gebouw omvatten met het recht
van gebruik van een bepaald deel, het appartement. De splitsing moet
plaatsvinden bij notariële akte en er moet een Vereniging van Eigenaren worden
opgericht. Tevens moet worden bepaald door wie en op welke wijze het gebouw moet
worden verzekerd. De verzekering kan op naam van de ‘gezamenlijke eigenaren’
worden gesteld. In de polis moet de appartementsclausule worden opgenomen.
Hierin wordt bepaald dat schade-uitkeringen boven EUR 11.345 geschieden aan de
gezamenlijke eigenaren. Wanneer een der eigenaren de schade opzettelijk
veroorzaakt, en de verzekeraar schadevergoeding daarom zou kunnen weigeren, is
hij krachtens de clausule toch verplicht tot schadevergoeding aan de
gezamenlijke eigenaren. Is de oprichting van een Vereniging van Eigenaren niet
mogelijk, dan kan de verzekerde aan de verzekeraar verzoeken de individuele
appartementsclausule op de polis te plaatsen. In dat geval is er dekking voor
schade aan het appartement van de verzekerde, alsmede voor het aandeel van de
verzekerde in de schade aan het deel van het gebouw, dat is bestemd voor
gemeenschappelijk gebruik.
Arbeidsongeschiktheid: Onder arbeidsongeschiktheid verstaat men in het algemeen
de situatie waarin iemands arbeidskracht door ziekte en/of gebrek zodanig is
verminderd, dat hij geen of geen volledig inkomen meer kan verwerven. Het begrip
“arbeidsongeschiktheid” wordt in sociale verzekeringswetten (bijvoorbeeld de WAO
en de WAZ) en bij de particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering niet altijd
op dezelfde manier gedefinieerd.
Arbeidsongeschiktheidspensioen: Een pensioen dat aan de arbeidsongeschikte
persoon wordt uitgekeerd krachtens een sociale regeling, pensioenregeling of
arbeidsongeschiktheidsverzekering. Dit pensioen wordt, eventueel rekening
houdend met een wachttijd, uitgekeerd voor de duur van de arbeidsongeschiktheid
tot maximaal de leeftijd die op de polis of in het pensioenreglement is genoemd.
Meestal is dat, zoals bij de sociale regelingen, 65 jaar.
Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV): Een verzekering die de verzekerde
voorziet van een periodieke uitkering in het geval van arbeidsongeschiktheid. De
verzekering wordt in hoofdzaak gesloten door degenen, die niet onder de WAO
vallen, m.a.w. zelfstandige ondernemers en zelfstandige beroepsbeoefenaren. De
dekking valt veelal uiteen in de A-uitkering, het zogenaamde ‘eerste jaars
risico’, waarin in het geheel geen beroep kan worden gedaan op enige sociale
verzekering, en de B-uitkering, die loopt vanaf het tweede jaar van
arbeidsongeschiktheid, en waarbij rekening gehouden wordt met de uitkering van
de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ). Er bestaan voor
loontrekkenden echter ook verschillende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen,
bijvoorbeeld de Aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering en de
WAO-hiaatverzekering.
Assuradeur: Een
andere benaming voor verzekeringsmaatschappij (zie aldaar) of voor een
gevolmachtigd agent (zie aldaar) hiervan. Assurantieadviseur Een persoon of
bedrijf, dat er zijn beroep van maakt om zijn opdrachtgever, iemand die een
verzekering wil sluiten of dat al gedaan heeft, van advies te dienen omtrent
bestaande of nieuw te sluiten verzekeringen. Het advies kan onder meer
betrekking hebben op de aard, vorm en uitvoering van betreffende verzekeringen
en de verzekeraar, die het meest in aanmerking komt om de betreffende
verzekering bij te sluiten. Zijn honorarium ontvangt de assurantieadviseur van
de verzekeraar bij wie de verzekering tot stand komt.
Assurantiebelasting: Er
wordt 7% belasting geheven over het bedrag dat u moet betalen in verband met de
verzekering (dit zijn meestal de poliskosten en de premie). Vrijgesteld van
assurantiebelasting zijn de volgende verzekeringen voor particulieren:
levensverzekering invaliditeits-, arbeidsongeschiktheid- en
ongevallenverzekering ziekte- en ziektekostenverzekering.
Assurantiebemiddeling: Het verlenen van advies, het bemiddelen tussen
verzekeringsnemer en verzekeraar en het verlenen van hulp door een zelfstandige
tussenpersoon in assurantiën bij de totstandkoming en gedurende de looptijd van
een verzekeringsovereenkomst. Hieronder valt mede de premie-incasso, de
begeleiding en hulpverlening bij schade of uitkering en al het andere dat voor
een goede uitvoering van de verzekeringsovereenkomst gewenst is.
Assurantietussenpersoon: Een ander benaming voor assurantieadviseur. De Wet
assurantiebemiddelingsbedrijf (Wabb) kent twee registers waarin
assurantietussenpersonen ingeschreven zijn, register A en B. Het verschil tussen
de registers heeft te maken met kenniseisen. Om in register A te zijn
ingeschreven moet aan zwaardere kenniseisen zijn voldaan dan is vereist voor
register B.
Atoomkernreactieclausule:
Uitsluiting die bepaalt dat schade of verliezen ten gevolge van
atoomkernreacties zijn uitgesloten. Deze uitsluiting komt op vrijwel elke polis
voor, maar wordt in de regel verzacht door schade als gevolg van radio-actieve
stoffen voor onder meer medisch gebruik wel mee te dekken.
Automatische
voortzetting: Komt voor bij levensverzekeringen, wanneer de verzekerde de
premiebetaling staakt. De verzekering wordt voor het volle bedrag in
ongewijzigde vorm in stand gehouden, met dien verstande dat op de uitkering de
achterstallige premies, verhoogd met interest, in mindering worden gebracht op
het uit te keren kapitaal. Automatische voortzetting is slechts mogelijk voor
zover de (premie-)schuld de waarde van de verzekering (dit is de hoogte van het
uit te keren bedrag) niet overtreft.
Automobilistenhulpverzekering: Deze verzekering wordt naast of als onderdeel van
de reisverzekering gesloten. Gedurende de verzekerde periode is onder meer
gedekt: het terughalen naar Nederland van de verzekerde auto en/of kampeerwagen
als deze onherstelbaar beschadigd is of zijn, alsmede de sleepkosten naar de
dichtstbijzijnde garage of kosten van invoering en vernietiging van het wrak. In
veel gevallen is ook rechtsbijstand meeverzekerd. De verzekerde ontvangt tevens
een aantal kredietcoupons, die kunnen worden gebruikt om reparaties aan de auto
of kampeerwagen te kunnen bekostigen. De reparatiebedragen worden echter slechts
voorgeschoten en de verzekerde zal deze aan de verzekeraar bij terugkeer in
Nederland moeten betalen.
|
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
B
|
|
Backservice: Term
die voorkomt bij pensioenverzekeringen. Er wordt mee bedoeld: de ‘inkoop van
pensioen over verstreken dienstjaren’. Deze inkoop van pensioen over verstreken
dienstjaren is gewenst wanneer de deelnemer bij invoering van de (nieuwe)
pensioenregeling al een aantal dienstjaren heeft opgebouwd of wanneer,
bijvoorbeeld in verband met een salarisverhoging, de pensioengrondslag verhoogd
is. De backservice, die gelijk is aan de contante waarde van de inhaalpremies,
wordt meestal voldaan door de storting van een koopsom ineens of door een
inhaalpremie gedurende de toekomstige dienstjaren.
Bagageverzekering:
De verzekering van de bagage van tijdens het in de polis genoemde aantal dagen,
of bij een doorlopende polis, tijdens de periode dat de verzekerde op reis is.
De dekking geschiedt tegen in principe alle van buiten komende onheilen.
Tegenwoordig wordt de bagageverzekering vrijwel altijd als onderdeel van een
tijdelijke of doorlopende reisverzekering (zie aldaar) gesloten.
Bagatelschade: Een
schade van te verwaarlozen omvang. Bij sommige verzekeringssoorten hanteren
verzekeraars een verplicht eigen risico om het claimen van bagatelschades, die
relatief hoge administratieve- en correspondentiekosten veroorzaken, tegen te
gaan. Ook het geven van een no-claimkorting, zoals die bij de
motorrijtuigverzekering al van oudsher wordt toegepast, is een middel om het
claimen van bagatelschades tegen te gaan. Een andere benaming voor bagatelschade
is ‘kruimelschade’.
Bedrijfspensioenfonds (BPF): Een pensioenfonds voor een gehele bedrijfstak ten
behoeve van personen, die hetzij als werknemer, hetzij in een andere
hoedanigheid, in die bedrijfstak werkzaam zijn. Deelname aan een
bedrijfspensioenfonds kan verplicht zijn gesteld op grond van de ‘Wet
betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds’.
Bedrijfsspaarregeling: Een fiscaal vriendelijke spaarregeling voor werknemers,
die vier varianten kent: de spaarloonregeling, de premiespaarregeling, de
aandelenoptieregeling en de winstdelingsregeling. Hoofdregel van deze regelingen
is dat de betreffende spaargelden minimaal vier jaar op een geblokkeerde
spaarrekening staan. Slechts in een beperkt aantal gevallen (bijvoorbeeld bij de
aankoop van een huis, aflossing hypotheek, premiebetaling bij sommige
levensverzekeringen) bestaat de mogelijkheid om de gespaarde gelden eerder dan
na vier jaar op te nemen.
Begrafenisverzekering: Een verzekering, die is bedoeld ter dekking van de
begrafenis- of crematiekosten van de verzekerde personen. In de meeste gevallen
wordt de verzekering gesloten in de vorm van een ‘verzekering met uitkering in natura’, waarbij de verzekeraar niet alleen de kosten, maar ook de uitvoering
van een aantal verrichtingen (zoals het organiseren van de begrafenis of
crematie o.b.v. een aantal specificaties) op zich neemt. Een alternatieve
benaming is ‘uitvaartverzekering’.
Begunstigde:
Degene(n), die in de polis is of zijn aangemerkt als gerechtigd tot het in
ontvangst nemen van de uitkering. Bij levens-, pensioen- of
ongevallenverzekering zijn dit meestal de verzekerde persoon zelf (bij in leven
zijn) of diens echtgeno(o)t(e) of kinderen bij overlijden van de verzekerde
persoon, maar de begunstigde kan ook een andere, door de verzekeringnemer
aangewezen persoon zijn.
Begunstiging: Aanwijzing door de verzekeringnemer van
een persoon die als begunstigde gerechtigd is tot de uitkering. In principe kan
de verzekeringnemer, zolang de uitkering van de verzekering nog niet opeisbaar
is geworden, de begunstiging wijzigen, tenzij de begunstigde de echtgenote van
de verzekerde is of de begunstiging door de begunstigde formeel is aanvaard. In
die laatste gevallen kan de begunstiging slechts gewijzigd worden wanneer de
begunstigde daarmee instemt.
Belang
(verzekerbaar -): Een materieel of immaterieel vermogensbestanddeel of zakelijk
recht dat, wanneer het aangetast wordt door een onvoorziene en ongewilde
gebeurtenis, leidt tot schade, verlies of ander op geld waardeerbaar nadeel voor
de verzekerde en dat door de verzekeraar aanvaard wordt als voorwerp van de
verzekering. Bij een schadeverzekering is de aanwezigheid van een verzekerbaar
belang een vereiste voor de geldigheid van de verzekering. In het geval van een
sommenverzekering wordt de eis van een verzekerbaar belang niet gesteld.
Belastingaftrek:
Uitgaven of kosten die op grond van de fiscale wetgeving mogen worden
afgetrokken van het inkomen. Particulieren mogen onder bepaalde voorwaarden de
uitgaven voor pensioenvoorzieningen (lijfrentepremies of koopsommen) en
arbeidsongeschiktheidsverzekeringen aftrekken van hun inkomen (de uitkeringen
van deze verzekeringen zijn later wel belast), evenals, rekening houdend met een
bepaalde franchise, de premies voor ziektekostenverzekeringen.
Beleggingsverzekering: Vorm van levensverzekering. Het verzekerd kapitaal wordt
niet uitgedrukt in euro's maar in fracties. De waarde van die fracties is
gerelateerd aan een aandelendepot. Als de verzekering tot uitkering komt wordt
aan de begunstigde een kapitaal uitgekeerd gelijk aan de waarde in euro's van de
verzekerde fracties op basis van de op het moment van uitkering geldende koers
van de aandelen in het depot. Een andere benaming is ‘fractieverzekering’.
Belendingen:
Naburige gebouwen, objecten of activiteiten die het risico op schade van de
verzekerde zaken beïnvloeden. Wanneer de belendingen van een woonhuis uit
brandgevaarlijke objecten bestaan, bijvoorbeeld een timmerwerkplaats van een
aannemer of timmerman, kan dat leiden tot een hogere premie voor de
opstalverzekering.
Belendingenclausule: Bepaling opgenomen op de polis van een (uitgebreide)
brandverzekering waarin de verzekeraar vastlegt dat de bestaande of toekomstige
belendingen van de verzekerde objecten de dekking van de verzekering niet
(zullen) beïnvloeden. Hij ziet in die gevallen dus af van een hogere premie of
beperkende voorwaarden.
Belening: Het in
een levensverzekeringsovereenkomst opgenomen recht van de verzekeringnemer, om
geld te lenen bij de levensverzekeraar tot maximaal de afkoopwaarde van de
verzekering. Deze levensverzekering wordt vervolgens in pand gegeven aan de
verzekeraar, totdat de lening is afgelost. Op grond van de algemene voorwaarden
kan een levensverzekeraar overgaan tot automatische belening, wanneer de
verzekerde de premies niet betaalt.
Bereddingskosten: Kosten, die een verzekerde
maakt om tijdens of na een schadegebeurtenis schade te voorkomen of om reeds
ontstane schade zo beperkt mogelijk te houden. Bij de meeste verzekeringsvormen
komen de bereddingskosten voor vergoeding in aanmerking, in veel gevallen tot
boven het verzekerd bedrag (maar wel begrensd tot aan een bepaald maximum).
Beroepsarbeidsongeschiktheid: Volgens de definitie, die in de meeste
arbeidsongeschiktheidverzekeringen is opgenomen, is
beroepsarbeidsongeschiktheid: de ongeschiktheid van de verzekerde om als gevolg
van een medisch vast te stellen oorzaak van ziekte of ongeval, de werkzaamheden
uit te oefenen, die verbonden zijn aan het in de polis genoemde beroep op een
wijze die voor deze beroepsbezigheden in de regel en redelijkerwijs kan worden
verlangd. Rubriek A van de arbeidsongeschiktheidsverzekering verschaft een
uitkering bij beroepsarbeidsongeschiktheid op basis van voorgaande definitie
wanneer de verzekerde voor minstens 25% arbeidsongeschikt is. Rubriek B van die
verzekering hanteert een ander begrip te weten: arbeidsongeschiktheid is
aanwezig wanneer de verzekerde als gevolg van een medisch vast te stellen
oorzaak van ziekte of ongeval voor tenminste 25% ongeschikt is tot het
verrichten van werkzaamheden die voor zijn krachten en bekwaamheden zijn
berekend en die met het oog op zijn opleiding en vroegere werkzaamheden in
redelijkheid van hem verlangd kunnen worden, e.e.a. ongeacht verminderde
gelegenheid tot het verkrijgen van arbeid. Onder rubriek B is derhalve geen
beroepsarbeidsongeschiktheid verzekerd.
Beroepspensioenfonds: Een pensioenfonds, dat in het leven is geroepen voor een
beroepsgroep van zelfstandige beroepsbeoefenaren (bijvoorbeeld artsen en medisch
specialisten). Deelname aan een beroepspensioenfonds kan verplicht zijn gesteld
op grond van de ‘Wet betreffende verplichte deelneming in een
beroepspensioenregeling’.
Beschikking
loonbelasting: De belastinginspecteur kan, indien hij daarom een verzoek ontvangt
van een belastingplichtige werknemer, een beschikking afgeven ter vermindering
van loonbelasting in verband met bepaalde aftrekposten, bijvoorbeeld
verschuldigde hypotheekrente.
Beurspolis: Een
polis met gestandaardiseerde en gedeponeerde voorwaarden, die zijn aangepast aan
de behoeften, die gelden voor op de assurantiebeurzen verrichte transacties. Bij
afwijking van deze standaardvoorwaarden is alleen de gedeponeerde tekst geldig
tenzij de tussen partijen overeengekomen afwijking op het polisformulier
duidelijk is aangebracht door een geschreven-, getypte- of in afwijkende kleur
gedrukte tekst. In Nederland bestaan er voor diverse verzekeringssoorten
beurspolissen, die in hoofdzaak gebruikt worden voor het verzekeren van
zakelijke risico’s. Door verzekeringsmaatschappijen worden de beurspolissen ook
wel gebruikt voor verzekeringen, die niet op de beurs tot stand komen.
Bevolkingstafels:
Een statistisch overzicht, dat door het Centraal Bureau voor de Statistiek is
afgeleid uit het bevolkingsregister. De verwachte gemiddelde levensduur of de
sterftekans per leeftijd van een grote groep personen wordt in het overzicht
weergegeven (bijvoorbeeld de gehele Nederlandse bevolking onderscheiden naar man
/ vrouw). Deze statistieken zijn meestal gebaseerd op de sterftecijfers
gedurende een aantal jaren. Voor pensioen- en levensverzekeraars vormen deze
tafels, naast de elementen interest en kosten, een belangrijke basis voor de
premieberekening. Een andere benaming is ‘sterftetafels’.
Bewijslast (bij
verzekeringen): De verplichting om aan te tonen dat bepaalde gebeurtenissen,
omstandigheden, hoedanigheden, oorzaken of feiten, waarop iemand zich beroept,
zich ook daadwerkelijk hebben voorgedaan dan wel aanwezig of van invloed zijn.
De verzekerde dient te bewijzen dat: een gebeurtenis waarop de verzekering
betrekking heeft zich heeft voorgedaan, de schade het gevolg is van die
gebeurtenis, de omvang van de schade en het belang dat hij heeft bij de schade.
Wanneer een verzekeraar met beroep op een uitsluiting weigert de schade te
vergoeden, rust op hem de verplichting aan te tonen dat de omstandigheden,
hoedanigheden, oorzaken of feiten van zodanige aard waren dat de betreffende
uitsluiting van toepassing was.
Bijzonder
weduwepensioen: Het pensioen dat de nabestaande ex-echtgenote ontvangt wanneer de
partner, waarvan zij eerder was gescheiden, is overleden. Bij scheiding krijgt
zij een premievrije aanspraak op een weduwepensioen, die gelijk is aan de
aanspraak, die haar partner als werknemer ten behoeve van haar gekregen zou
hebben als hij op het moment van de scheiding de dienst zou hebben verlaten. Bij
notariële akte of in de schriftelijke scheidingovereenkomst kunnen echter andere
afspraken zijn overeengekomen.
Bijzondere
voorwaarden: Deze voorwaarden zijn specifiek voor een bepaalde verzekering. Zij
vullen de algemene voorwaarden aan.
Binnenbraak: Vanuit een binnenshuis gelegen
ruimte gaat iemand onwettig en door braak een afgesloten ruimte in. Deze vorm
van inbraak is niet altijd gedekt.
Binnenlandse
onlusten: Hiervan spreekt men indien zich op verschillende plaatsen binnen een
staat min of meer georganiseerde gewelddadige handelingen voordoen. Wordt
beschouwd als ‘groot molest’ en is in beginsel uitgesloten van
verzekeringsdekking.
Bliksemschade: Bij
bliksemschade is er schade ontstaan door blikseminslag zonder dat deze inslag
heeft geleid tot brand. Deze vorm van schade is ook wel bekend onder de term
"koude bliksemschade".
Bonus/Malus-systeem:
Enerzijds een korting op de jaarpremie (no-claim korting) bij gunstig
schadeverloop, anderzijds een premieverhoging wanneer in een bepaalde periode
meerdere schades gemeld worden.
Bonusbescherming: Wanneer de verzekerde bij een
motorrijtuigverzekering op een hoge trede van de bonus-malusschaal is
ingeschaald en hij dient bij de verzekeraar een claim in voor een schade, dan
kan dat een gevoelige terugval op de bonus-malusschaal tot gevolg hebben.
Daardoor kan de premie aanzienlijk hoger worden. Omdat het onrechtvaardig wordt
gevonden dat iemand na vele jaren schadevrij rijden bij een schade onmiddellijk
zijn opgebouwde no-claim korting verliest, hebben veel verzekeraars de bepaling
opgenomen, dat er pas een terugval op de bonus-malusschaal plaatsvindt na een
tweede schade in hetzelfde verzekeringsjaar.
Bonus-malusschaal: Een schaal die
wordt toegepast op de premieberekening bij motorrijtuigenverzekering. De schaal
kent een aantal treden (per maatschappij kan dat aantal variëren van 15 tot 25
of meer). Bij elke trede hoort een percentage van de basispremie of wordt een
kortings- of toeslagpercentage vermeld. Afhankelijk van een aantal
risicofactoren en het beleid van de verzekeraar wordt de aan de verzekerde bij
aanvang van de verzekering een trede toegekend. Vervolgens wordt jaarlijks
afhankelijk van het schadeverloop aan de verzekerde een andere trede toegekend.
Een alternatieve benaming is ‘bonus-malus ladder’.
Braak(schade):
Er
is sprake van braak bij het forceren van deuren, vensters of andere delen van
het pand en verbreking van sloten. Braakschade is de schade aan gebouwen,
brandkasten enz. veroorzaakt door een inbraak, een overval of een poging
daartoe.
Buitenbraak: Het door middel van braak aan de buitenzijde van het gebouw
onwettig in het gebouw proberen te komen.
|
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
C
|
|
Cafetariasysteem:
Dit is een pensioensysteem voor werknemers. U kunt hiermee zelf uw
pensioenregeling samenstellen uit één of meer onderdelen van een
standaardpakket. Bijvoorbeeld de pensioenleeftijd en de verhouding tussen de
verschillende pensioensoorten (als ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen).
Calamiteit: Een of
meerdere gebeurtenissen, zoals een overstroming of aardbeving, die binnen korte
tijd leiden tot zeer grote schade.
Calamiteitenrisico:
Dit is het risico, dat een calamiteit leidt tot zeer grote schade aan één of
meerdere objecten. Veel calamiteitenrisico’s, zoals overstroming of atoomramp,
kunnen niet worden verzekerd. Dit omdat de premie hiervoor onbetaalbaar zou
zijn. Dit risico wordt ook wel catastroferisico genoemd.
Caravanverzekering:
Hiermee is schade aan of verlies van uw caravan, en de vaste inventaris hiervan,
door alle van buiten komende onheilen gedekt. Schade aan derden is zolang de
caravan nog aan uw motorrijtuig is gekoppeld, gedekt onder de WA-verzekering van
uw motorrijtuig. Is de caravan ontkoppeld dan is schade aan derden gedekt onder
uw particuliere aansprakelijkheidsverzekering of onder de caravanverzekering.
Carenzperiode:
Tijdens de carenzperiode hoeft uw verzekeraar niet uit te keren voor een
omstandigheid waartegen u wel verzekerd bent. Deze periode is aan het begin van
de verzekering en is in zekere zin te beschouwen als een ‘eigen risico’.
Casco:
Dit is, in geval van een auto, de auto zelf.
Cascoverzekering:
Met een cascoverzekering is schade aan uw motorrijtuig of pleziervaartuig zelf
verzekerd. Dus niet de meegevoerde goederen, accessoires (voor zover niet
expliciet meeverzekerd) en evenmin de aansprakelijkheid voor schade aan derden.
Catastrofe Zie calamiteit.
Causaal verband: Dit is het verband tussen oorzaak en gevolg. Hierbij dient rekening gehouden te
worden met de toepasselijke causaliteitsleer. In Nederland wordt in de regel als
oorzaak van de schade beschouwd, de gebeurtenis die het verst verwijderd is van
het intreden van de schade, maar die redelijkerwijs deze schade wel tot gevolg
moest hebben.
Causaliteitsleer: Bij een schade is een belangrijke vraag welke gebeurtenissen of welke oorzaken
tot die schade hebben geleid. Met behulp van de causaliteitsleer kan deze vraag
beantwoord worden. In de praktijk wordt onder meer het principe van ‘toerekening
naar redelijkheid’ tegenwoordig toegepast. Dit houdt in dat de omvang van de
schadevergoedingsverplichting bepaald wordt door het antwoord op de vraag of de
verschillende schadefactoren naar redelijkheid aan de aansprakelijke partij,
kunnen worden toegerekend.
Cautie: Cautie is
de waarborgsom die aan de overheid betaald moet worden voor invrijheidstelling,
teruggave en opheffing van het beslag van ingenomen goederen. In sommige landen
kan de veroorzaker van een ernstig verkeersongeval of de dader van andere
wetsovertredingen in hechtenis worden genomen en wordt beslag gelegd op zijn
zaken. Indien de schade gedekt is in de motorrijtuig-, of
rechtsbijstandverzekering zal de cautie door de verzekeraar betaald worden. De
verzekerde dient het bedrag van de cautie echter wel terug te betalen wanneer de
buitenlandse overheid de cautie vrijgeeft.
Certificaat:
Het (verzekerings-)certificaat
is een document waarin wordt bevestigd dat een verzekering is gesloten voor een
bepaald risico. De belangrijkste gegevens van de verzekering en polisvoorwaarden
staan erin vermeld. Verzekeringscertificaten worden veel gebruikt bij de
reisverzekering, bromfietsverzekering en rijwielverzekering.
Chronologisch
beginsel: Volgens het chronologisch beginsel (artikel 277 Wetboek van Koophandel)
is bepaald dat de oudste verzekering in eerste instantie de schade moet betalen.
Het is van toepassing indien er twee of meer dezelfde verzekeringen zijn
afgesloten voor hetzelfde risico. Als de oudste verzekering niet de volledige
schade dekt, zal de jongere verzekering het overige deel dekken.
Civiel recht: Het
civiel recht regelt de rechtsbetrekkingen van de burgers onderling. In het
civiel recht moet de burger, wanneer hij zich in zijn belangen geschaad voelt
doordat een ander de rechtsregels overtreden heeft, zelf optreden en de
overtreder als tegenpartij in een civiele procedure voor de rechter dagen.
Civiele procedure:
Een gerechtelijke procedure tussen burgers onderling. De klager en de gedaagde
moeten zich (behalve bij een kantongerechtsprocedure - zaken met een belang
kleiner dan EUR 10.000) laten bijstaan door een procureur. De eisende partij
dagvaardt de gedaagde, die een conclusie van eis (waarin is aangegeven wat de
eiser verlangt en om welke redenen) ontvangt en daarop kan reageren met een
conclusie van antwoord (waarin het verweer is omschreven). De rechter beoordeelt
nu of de zaak geschikt is voor een verschijning van de partijen. Is dat het
geval dan kunnen beide partijen hun eisen en verweren (schriftelijk) verder
toelichten. Deze wederzijdse schriftelijke reacties op elkaars standpunten gaat
door totdat, meestal op verzoek van een der partijen, de rechter uitspraak doet.
Claim: Dit is het
indienen van een 'verlies' gedekt door de verzekering bij de verzekeraar om een
vergoeding te krijgen.
Claimsmade dekking:
Bij een aansprakelijkheidsverzekering
met claimsmade dekking, is bepalend voor vergoeding van een gedekte schade dat
deze bij de verzekeraar is aangemeld is tijdens de verzekeringsduur. Wanneer de
schade is veroorzaakt, is niet van belang.
Clausule: In
clausules die aan de verzekeringsovereenkomst zijn gehecht wordt de dekking van
de polis verder uitgebreid of beperkt. Ook kunnen er in clausules speciale eisen
worden gesteld.
Collectief
contract: Hierbij is een verzekeraar met een groep (bijvoorbeeld de werknemers
van een bedrijf of de leden van een vereniging) overeengekomen, om leden van die
groep tegen betere polisvoorwaarden te accepteren en/of een lagere premie te
bieden.
Collectieve
verzekering: Hier is sprake van wanneer één partij de verzekeringsnemer is voor
andere partijen. Voorbeeld hiervan is een collectieve pensioenverzekering of een
collectieve ziektekostenverzekering voor werknemers, waarbij de werkgever als
verzekeringsnemer optreedt en de werknemers verzekerden zijn.
Combinatiepolis: Op
een combinatiepolis, ook wel pakketpolis genoemd, zijn meerdere, verschillende
risico’s verzekerd. Bijvoorbeeld opstal, inboedel en aansprakelijkheid.
Commerciële
communicatie: Communicatie met als doel het bereiken van een zakelijke
overeenkomst.
Computerverzekering: Een verzekering voor materiële schade aan uw computer en de
randapparatuur. Alle van buitenkomende onheilen zijn verzekerd. Eigen gebrek en
materiaalfouten zijn alleen verzekerd als er een onderhoudscontract is gesloten.
Constructive total
loss: Dit is het geval wanneer de reparatiekosten voor een beschadigd verzekerd
object hoger zijn dan de waarde van het verzekerd object. Meestal spreekt men
van ‘constructive total loss’ als de reparatiekosten meer dan 75% bedragen van
de verzekerde waarde.
Consument/gebruiker: Een persoon die voor eigen gebruik een product of dienst
afneemt.
Consumptief
krediet: Een lening voor particulieren voor aanschaf van diensten en
verbruiksgoederen.
Contante waarde:
Dit is de waarde op dit moment van een te betalen of te ontvangen bedrag in de
toekomst.
Contractsrechtsbijstand: Wanneer sprake is van contractsrechtsbijstand wordt er
rechtsbijstand verleend bij contractuele geschillen over vergoeding of reparatie
van een schade.
Contractsvervaldatum: Dit is de datum waarop de verzekering eindigt. Bij de
meeste particuliere verzekeringen wordt de contractsduur stilzwijgend verlengd,
tenzij de verzekerde het contract, met in acht neming van de toepasselijke
opzegtermijn, heeft opgezegd.
Contra-expert: Dit
is de deskundige die u als verzekerde zelf kunt inschakelen om de omvang van een
schade te bepalen. Dit is dus niet de deskundige die uw verzekeraar hiervoor
benoemt. Bij brandverzekeringen zijn de kosten van de contra-expert onder
bepaalde voorwaarden gedekt onder de polis. Het inschakelen van een
contra-expert gebeurt meestal alleen bij grotere schadegevallen wanneer de
verzekerde het grondig oneens is met de geschatte schadeomvang door de expert
van de verzekeraar.
Conversie: Bij een
conversie wordt een levens- of pensioenverzekering in een andere vorm omgezet
(bijvoorbeeld een ‘gemengde verzekering’ wordt omgezet in een ‘levenslange
overlijdensverzekering’). Bij omzetting wordt de waarde van de oorspronkelijke
verzekering gebruikt voor de financiering van de veranderde verzekering
(eventueel naast de nog in de toekomst te betalen premies).
Coulance-uitkering:
Hiervan is sprake wanneer een verzekeraar een schade vergoedt zonder hiertoe op
grond van de polisvoorwaarden verplicht te zijn.
Courtage: Het door
de verzekeraar betaalde loon of provisie aan de assurantietussenpersoon.
Courtage is een percentage van de premie. Wordt ook wel ‘provisie’ genoemd.
C-polis: Dit is een
individuele pensioenverzekering, volgens een geldende pensioentoezegging, met
als verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde de werknemer. Nabestaanden
kunnen ook begunstigden zijn. De werkgever stelt de werknemer in staat deze
polis af te sluiten, door het geheel of gedeeltelijk vergoeden van de premie aan
de werknemer.
Critical Illness
verzekering: Deze verzekering, die meestal is gekoppeld aan een
levensverzekering, keert een kapitaal uit, wanneer na een medisch onderzoek
blijkt dat de verzekerde door een levensbedreigende ziekte nog maar enkele jaren
te leven heeft. Deze uitkering bij leven vervangt in dat geval geheel of
gedeeltelijk de uitkering bij overlijden. Deze verzekering wordt ook wel Dread
Disease verzekering genoemd.
|
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
D
|
|
Dagwaarde: De
dagwaarde is de nieuwwaarde minus een bedrag in verband met waardevermindering
door veroudering en slijtage, oftewel het bedrag wat nodig is om een
gelijkwaardig goed te kunnen aanschaffen. Dit is hetzelfde als de
vervangingswaarde.
Dalende risicoverzekering Zie aflopende risicoverzekering.
Dekking: De dekking
is de omvang van de door de verzekeringsmaatschappij gegeven bescherming. Deze
is in de polis beschreven in de ‘omschrijving van de dekking’ waarin is bepaald
wanneer er recht is op schadevergoeding en de hoogte daarvan.
Dekkingsbewijs: Dit
schriftelijke document vervangt bij kortlopende verzekeringen vaak de polis. Ook
wordt dit soms afgegeven voordat de definitieve polis er is. In dit bewijs
bevestigt de verzekeraar dat hij het risico gedekt houdt en geeft hij globaal de
voorwaarden aan waaronder dit geschiedt.
Dekkingsgebied:
Dit
is het gebied waarin de verzekering van kracht is.
Derde: Dit is voor
de partijen, die een contract hebben gesloten met elkaar, iedere andere partij.
Deskundigentaxatie:
Dit is de waardebepaling, bijvoorbeeld ten behoeve van een verzekering, van
roerende en onroerende zaken door een deskundige.
Diefstalverzekering: Hieronder is schade door diefstal van verzekerde goederen of
geldswaarden gedekt. Op de uitgebreide inboedelverzekering is dit meestal
meeverzekerd.
Direct writer:
Een
verzekeraar die zonder tussenkomst van een tussenpersoon verzekeringen sluit en
schades regelt.
Directeur/grootaandeelhouder (DGA): Dit is de directeur van een NV of BV, die 10%
of meer van het geplaatst kapitaal bezit. Voor pensioenverzekeringen wordt de DGA niet als werknemer gezien. Voor de sociale werknemersverzekeringen wordt hij
slechts als werknemer gezien wanneer hij, alleen of samen met zijn echtgenote,
minder dan 50% van de aandelen heeft of een minderheidsbelang heeft waardoor
zijn mededirecteuren hem kunnen ontslaan.
Disculpatie: Dit
houdt in dat ouders van een kind van 14 of 15 jaar zich kunnen vrijpleiten van
aansprakelijkheid voor de, door dat kind toegebrachte schade als zij kunnen
aantonen dat de door het kind gepleegde toerekenbare onrechtmatige daad,
waardoor schade aan anderen is ontstaan, door hen redelijkerwijs niet had kunnen
worden voorkomen. Dit houdt evenwel in dat het kind dan zelf aansprakelijk is.
Wanneer er een particuliere aansprakelijkheidsverzekering is, zijn kinderen op
de polis van hun ouders meeverzekerd en is er dus dekking.
Doorlopende polis:
Aan het eind van een contractstermijn wordt deze verzekering automatisch
verlengd. Beëindiging kan alleen door opzegging of op grond van de
polisbepalingen.
Dubbele
verzekering: Aan het eind van een contractstermijn wordt deze verzekering
automatisch verlengd. Beëindiging kan alleen door opzegging of op grond van de
polisbepalingen.
DUBO: Bij
levensverzekeringen is het mogelijk met de verzekeraar overeen te komen dat de
kapitaalsuitkering bij overlijden wordt verdubbeld, als het overlijden het
gevolg is van een ongeval. Hiervoor dient dan wel meer premie te worden betaald.
|
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
E
|
|
Eigen risico: Het
gedeelte van het 'verlies' dat u, in overeenstemming met de verzekeraar, zelf
moet dragen. |
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
H
|
|
Herbouwwaarde: Het bedrag dat nodig is om een gebouw op dezelfde
plaats en in dezelfde staat te kunnen herbouwen. Het uitgangspunt is een bedrag
per kubieke meter. Deze kubieke meterprijs wordt onder meer bepaald door het
soort woning.
Huurdersbelang:
Hier is sprake van wanneer de huurder investeringen heeft gedaan aan de
huurwoning en er geen zekerheid is dat de verhuurder bij schade dit eveneens
laat herstellen. De huurder heeft er belang bij dat deze investeringen dus
verzekerd worden.
|
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
I
|
|
Inductieschade:
Dit
is schade aan elektronische apparatuur als gevolg van een magnetisch veld
ontstaan door naburige blikseminslag. |
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
M
|
|
Molest Klein
molest: Hier valt onder meer onder terrorisme, sabotage, vordering, werkstaking,
vandalisme, relletjes. Groot molest: Hier valt onder meer onder opstand,
muiterij, burgeroorlog, binnenlandse onlusten, met andere woorden,
oorlogshandelingen of op oorlog lijkende omstandigheden. Het risico van groot
molest is meestal niet gedekt; klein molest is in de meeste gevallen wel
meeverzekerd. |
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
N
|
|
Nationaal Centrum
voor Preventie: Dit is een onafhankelijke stichting opgericht voor consumenten,
verzekeraars, overheid en de beveiligingsbranche. Het is het landelijke kennis-
en certificeringsinstituut voor brand-, inbraak- en diefstalpreventie. Het adres
is: Nationaal Centrum voor Preventie, De Molen 1, 3994 DA Houten, 030-2296000.
Nieuwwaarde:
De
nieuwwaarde is het benodigde bedrag om voor het artikel wat verloren is gegaan
eenzelfde soort artikel nieuw te kunnen aanschaffen.
No-claim korting: U
krijgt een korting op de jaarpremie wanneer u in een of meer opeenvolgende jaren
geen claim heeft ingediend. Zie ook Bonus/Malus-systeem.
|
A
|
B |
C
|
D |
E
|
F |
G
|
H |
I
|
J |
K
|
L |
M
|
N |
O
|
P |
Q
|
R |
S
|
T |
U
|
V |
W
|
X |
Y
|
Z
|
|
O
|
|
Ombudsman
Levensverzekering: Klachteninstituut voor levensverzekeringen. De ombudsman
bekijkt of de verzekeringsmaatschappij bij het sluiten en de uitvoering van
levensverzekeringen redelijk, billijk en zorgvuldig heeft gehandeld. De aard van
de klachten kan betrekking hebben op het al dan niet toekennen van uitkeringen,
de hoogte hiervan en andere (vermeende) onregelmatigheden bij de uitvoering van
levensverzekeringen. Een klacht kan bij de Ombudsman Levensverzekeringen worden
ingediend via de Stichting Klachteninstituut Verzekeringen. Het adres is: Bordewijklaan 10, Postbus 93560, 2509 AN Den Haag, telefoon 070-3338900.
Ombudsman
Schadeverzekering: Klachteninstituut voor schadeverzekeringen. De ombudsman
bekijkt of de verzekeringsmaatschappij bij het sluiten en de uitvoering van
schadeverzekeringen redelijk, billijk en zorgvuldig heeft gehandeld. De aard van
de klachten kan betrekking hebben op het al dan niet toekennen van schadeclaims,
de hoogte van de vergoeding en andere (vermeende) onregelmatigheden bij de
uitvoering van schadeverzekeringen. Een klacht kan bij de Ombudsman Schade
verzekeringen worden ingediend via de Stichting Klachteninstituut Verzekeringen.
Het adres is: Bordewijklaan 10, Postbus 93560, 2509 AN Den Haag, telefoon
070-3338900.
Omslagstelsel:
Een
omslagstelsel is een stelsel waarbij de uitkeringen in een jaar gefinancieerd
worden door de premies die in dat jaar ontvangen worden. De tegenhanger van het
omslagstelsel is het ‘kapitaaldekkingsstelsel’. De meeste sociale verzekeringen
zijn gebaseerd op een omslagstelsel.
Omzetting: Zie
conversie. Onafhankelijke assurantietussenpersoon Een assurantietussenpersoon
die zijn advisering en dienstverlening uitsluitend gestalte geeft volgens zijn
eigen inzichten. Hij heeft geen binding met een verzekeringsmaatschappij.
Onderlinge
Waarborgmaatschappij: Een onderlinge verzekeringsmaatschappij. Onderlinge
waarborgmaatschappijen werken vaak regionaal en/of gericht op specifieke
doelgroepen. De verzekerden zijn leden en in sommige gevallen delen zij in de
winst of (in beperkte mate) de verliezen. Tegenwoordig werken veel onderlinge
waarborgmaatschappijen met een vaste premie en vindt geen restitutie of
naheffing meer plaats.
Ondernemingspensioenfonds: Een ondernemingspensioenfonds is een pensioenfonds dat
aan een specifieke onderneming is verbonden ten behoeve van de
werknemerspensioenen (dit in tegenstelling tot bedrijfspensioenfondsen die van
kracht zijn voor alle ondernemingen binnen een bepaalde bedrijfstak).
Ondernemingspensioenfondsen staan onder toezicht van de Verzekeringskamer.
Onderpand: Een
onderpand is een goed dat in handen valt van de ander, aan wie iets is
toegezegd, bij niet nakoming van de toezegging. Zo is het huis een onderpand bij
een hypothecaire lening. Wanneer de hypotheekgever (de huiseigenaar) niet
voldoet aan zijn betalingsverplichtingen, mag de hypotheeknemer (de bank) beslag
leggen op het huis en dit verkopen. Uit de opbrengst wordt de schuldlast
voldaan, een eventueel overschot valt toe aan de hypotheekgever.
Onderverzekering:
Hiervan is sprake wanneer de werkelijke waarde van het verzekerde object vlak
voor de schadegebeurtenis hoger is dan het verzekerde bedrag. Bij een
totaalschade wordt het verzekerd bedrag uitgekeerd. Bij een deelschade vindt
uitkering plaats op basis van de formule (werkelijke waarde : verzekerd bedrag)
x schadebedrag = uitkering. De schadevergoeding is dus altijd lager dan de
geleden schade. Door het opnemen van een indexclausule wordt de kans op
onderverzekering verminderd, terwijl bij een inboedelverzekering tegenwoordig
geen onderverzekering wordt toegepast wanneer het verzekerd bedrag met behulp
van een inboedelwaardemeter tot stand gekomen is.
Ongehuwdenpensioen:
Het pensioen krachtens de AOW voor een ongehuwde die de leeftijd van 65 jaar
heeft bereikt en die niet samenwoont. De uitkering bedraagt, inclusief de
eventuele toeslag op de basisuitkering (50% van het wettelijk minimumloon) 70%
van het netto minimumloon.
Ongeval: Bij de
persoonlijke ongevallenverzekering wordt hiermee bedoeld: een plotseling en
onverwacht, van buitenaf op het lichaam van de verzekerde inwerkend geweld,
waaruit rechtstreeks medisch vast te stellen letsel ontstaat dat de dood of
arbeidsongeschiktheid tot gevolg heeft of medische behandeling nodig maakt. In
de meeste polissen wordt deze definitie nog uitgebreid of beperkt met een aantal
met name genoemde gebeurtenissen.
Ongevallenverzekering: Een verzekering die voorziet in een uitkering, wanneer de
verzekerde door een ongeval getroffen wordt. In de regel worden de volgende drie
rubrieken verzekerd: Rubriek A: een kapitaalsuitkering bij overlijden ten
gevolge van een ongeval; Rubriek B: een kapitaalsuitkering bij blijvende
invaliditeit die hoger of lager kan zijn afhankelijk van de mate van
invaliditeit. Rubriek Medische Kosten: De vergoeding van medische kosten naar
aanleiding van het ongeval voor zover deze medische kosten niet zijn gedekt
krachtens het ziekenfonds of een particuliere ziektekostenverzekering.
Onheil, van
buitenkomend: Een tot letsel of schade leidend gevaar, dat een oorsprong heeft,
die ligt buiten de verzekerde persoon of buiten de verzekerde zaak.
On-line
verzekeringscontract: Dit is een verzekeringscontract afgesloten via internet. De
dekking kan vanaf het moment van afsluiten van kracht zijn.
Onopzegbare
verzekering: Een doorlopende verzekering (enkele gevallen uitgezonderd) die niet
door de verzekeraar kan worden opgezegd, maar die wel door de verzekeringnemer
per contractsvervaldatum kan worden beëindigd. De verzekeraar kan de verzekering
beëindigen bij wanbetaling, of wanneer de verzekerde zich blijvend in het
buitenland vestigt (m.u.v. levensverzekeringen), of wanneer de verzekerde bij
het sluiten van de verzekering foutieve informatie heeft verstrekt. Onopzegbaarheid
komt voor bij ondermeer levens-, ziektekosten-, ongevallen- en
arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.
Onrechtmatige daad:
Volgens artikel 6:162 van het Burgerlijk wetboek is dit: Een inbreuk op een
recht van een ander en het doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht
of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer
betaamt, een en ander behoudens een rechtvaardigingsgrond. Wanneer iemand jegens
een ander een onrechtmatige daad pleegt, is hij in beginsel verplicht om de
schade, die hieruit voor de ander voortvloeit, te vergoeden, tenzij er sprake
was van overmacht, noodweer, wettelijk voorschrift en ambtelijk bevel.
Ontploffing: Bij
brandverzekeringen wordt hieronder verstaan: een gehele of gedeeltelijke
vernieling onmiddellijk veroorzaakt door een eensklaps verlopende hevige
krachtsuiting van gassen of dampen. Bij de brandverzekering wordt ontploffing
gelijkgesteld met brand. Ook wanneer er geen brand bij ontstaat, is de schade
door ontploffing krachtens de brandverzekering gedekt.
Onverminderde
voortzetting: Dit vindt plaats bij een levensverzekering wanneer de
overeengekomen premies niet, of niet op tijd door de verzekeringnemer zijn
voldaan. De waarde van de verzekering wordt gebruikt als koopsom voor een
verzekering die het oorspronkelijk verzekerde kapitaal uitsluitend uitkeert
wanneer de verzekerde overlijdt. De duur van de verzekering is afhankelijk van
de beschikbare koopsom.
Onzeker voorval:
Een gebeurtenis waarvan de partijen niet weten of die ooit zal plaatshebben of
reeds heeft plaatsgehad (bij schadeverzekeringen), danwel wanneer die
gebeurtenis zal plaatshebben (bij levensverzekeringen).
Open polis: Een
clausule, die op een polis van levensverzekering wordt geplaatst wanneer de
waarde van een reeds lopende andere levensverzekering geheel of gedeeltelijk
wordt ingebracht in de nieuwe verzekering.
Opnameclausule:
Bij
brandverzekering: de kosten van wegruiming en / of afbraak van de verzekerde
objecten, voor zover deze het noodzakelijk gevolg is van een door de polis
gedekte schade. De vergoeding van deze kosten is op de meeste brandverzekeringen
meeverzekerd.
Opruimingskosten:
Bij brandverzekering: de kosten van wegruiming en / of afbraak van de verzekerde
objecten, voor zover deze het noodzakelijk gevolg is van een door de polis
gedekte schade. De vergoeding van deze kosten is op de meeste brandverzekeringen
meeverzekerd.
Opschorten: Het
(meestal tijdelijk) opheffen van de verplichting van de verzekeraar tot het
verlenen van een schadevergoeding en / of het doen van een uitkering. De
verzekeringsovereenkomst blijft bestaan, maar er kunnen door de verzekerde geen
schadevergoedingsrechten aan worden ontleend.
Opstal: Andere term
voor gebouw. Het begrip ‘Gebouw’ omvat in het algemeen alles wat aard- en
nagelvast aan het gebouw bevestigd is, alsmede de bij het gebouw behorende
bijgebouwen, schuttingen en erfafscheidingen. Bij brandverzekeringen worden de
fundamenten alleen tot het gebouw gerekend wanneer daar expliciet melding van
wordt gemaakt.
Opstalverzekering:
De opstalverzekering dekt de schade aan het gebouw, de hierbij behorende
bijgebouwen, terreinafscheidingen en dergelijke door brand en de daarbij
gelijkgestelde gevaren. Bij een uitgebreide verzekering zijn tevens een aantal
met name op de polis genoemde gevaren gedekt, waaronder storm, inbraak,
waterschade, aanrijding enzovoort. Bij de opstalverzekering wordt de
herbouwwaarde als grondslag genomen voor het verzekerd bedrag.
Optie/keuze: Één
van verschillende mogelijkheden.
Opt-out register:
De mogelijkheid om op elk moment te weigeren vrijblijvende informatie te
ontvangen.
Opzegtermijn:
De
termijn die verzekeraar en verzekeringnemer in acht moeten nemen wanneer zij een
verzekeringsovereenkomst willen beëindigen. Opzegging is
altijd mogelijk per contractvervaldatum meestal met een opzegtermijn die kan
variëren tussen één en drie maanden. Een aantal verzekeraars behoudt zich in de
polisvoorwaarden het recht voor om de verzekering te beëindigen na een schade
met een opzegtermijn van één tot drie weken.
Opzet: Het
uitvoeren van een welbewuste en doordachte handeling (of nalaten) met als
duidelijk doel het beoogde effect te bereiken. Opzet is in beginsel altijd van
verzekeringsdekking uitgesloten.
Opzicht: Bij
opzicht gaat het om zaken die aan de zorg van een ander zijn toevertrouwd of die
hij op een andere wijze onder zich heeft genomen en waarover hij tot op zekere
hoogte de feitelijke macht uitoefent.
Opzichtclausule:
Clausule voorkomend in aansprakelijkheidsverzekeringen, waarmee de schade, die
is toegebracht aan zaken die men onder opzicht heeft geheel of gedeeltelijk
wordt uitgesloten van de verzekeringsdekking. Bij particuliere
aansprakelijkheidsverzekeringen wordt deze uitsluiting gematigd en is de
aansprakelijkheid voor schade aan zaken onder opzicht meeverzekerd met een eigen
risico (meestal EUR 45) en tot een bepaald maximum (dikwijls EUR 9.500), evenwel
met uitzondering van schade aan ondermeer schade aan gehuurde zaken, zaken die
men uit hoofde van een (neven)bedrijf of (neven)beroep onder zich heeft,
motorrijtuigen, caravans, vaartuigen e.d., en schade door verlies, diefstal of
vermissing van geld of geldswaardig papier. In die gevallen is de uitsluiting
met betrekking tot schade aan goederen onder opzicht volledig van kracht.
Oudedagslijfrente:
Een lijfrente die bedoeld is als oudedagsvoorziening voor de verzekerde.
Onderscheid wordt gemaakt tussen een levenslange- en tijdelijke
oudedagslijfrente. De levenslange oudedagslijfrente mag ingaan op elk gewenst
tijdstip en moet eindigen bij het overlijden van de verzekerde. De premie
hiervoor is als persoonlijke verplichting aftrekbaar voor de inkomstenbelasting.
De tijdelijke oudedagslijfrente loopt een periode van minimaal vijf jaar, of tot
eerder overlijden van de verzekerde, en mag niet eerder ingaan dan het jaar
waarin de verzekerde 65 wordt of waarin hij pensioen krachtens een
pensioenregeling gaat genieten. Er gelden beperkingen t.a.v. de hoogte van de
uitkeringen, e.e.a. in verband met de fiscale aftrekbaarheid van de premie.
Ouderdomspensioen:
Een ouderdomspensioen is een levenslange periodieke uitkering aan werknemers bij
het bereiken van de pensioensgerechtigde leeftijd van meestal 65 jaar.
Overbruggingspensioen: Aanvullend pensioen voor pensioengerechtigden waarvan de
pensioenleeftijd lager is dan 65 jaar. De aanvulling omvat een extra uitkering
gelijk aan de AOW, die pas op 65-jarige leeftijd ingaat, alsmede een compensatie
voor de nog te betalen sociale verzekeringspremies in de eerste belastingschijf, e.e.a. totdat de pensioengerechtigde de 65-jarige leeftijd heeft bereikt.
Overlijdensverzekering: Levensverzekering waarbij een kapitaal tot uitkering komt
wanneer de verzekerde overlijdt. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de
tijdelijke- en levenslange overlijdensverzekering. Bij de tijdelijke
overlijdensverzekering komt het kapitaal alleen tot uitkering wanneer de
verzekerde overlijdt voor een in de polis overeengekomen datum. Bij een
levenslange overlijdensverzekering komt het kapitaal tot uitkering bij
overlijden onverschillig wanneer dit plaatsvindt.
Overspanning: Er is
sprake van overspanning wanneer de elektrische spanning een korte tijd hoger is
dan de maximale waarde in een normale situatie tussen twee of meer geleidende
delen.
Overstroming:
Overstroming door de zee, rivieren, kanalen en andere vormen van natuurwater ten
gevolge van het bezwijken
|
|
|